Verslag van Lysbet Hoekstra-Migchels, IVN jeugdwerkgroep Leeuwarden e.o. coördinator

 

Op zondag 27 september verzamelden 11 kinderen zich in de Blokhuispoort in Leeuwarden voor de IVN kinderworkshop “Opruimers van de natuur”. Deze voormalige gevangenis is nu de thuisbasis van enkele culturele instellingen en horeca. In de recent aangelegde tuin gingen de kinderen op zoek naar bodemdiertjes.

Velen kennen de Blokhuispoort als de oude gevangenis in het hartje van de stad Leeuwarden waar verzetsstrijders gevangen hebben gezeten in de Tweede Wereldoorlog. Tegenwoordig is in dit historische gebouw de openbare bibliotheek gevestigd als ook een hele reeks ateliers van kunstenaars, het restaurant “Proefverlof” en het Alibihotel.

Honeysuckle Blue

Je zou denken dat er in deze hoop stenen niet veel bodemleven te vinden is, maar niets is minder waar. In het kader van ‘Leeuwarden de culturele hoofdstad van Europa in 2018’ is op de plek van de oude luchtplaats van de gevangenis een hele mooie verfplantentuin aangelegd:  de “Honeysuckle Blue (s) tuin”.

Twee dagen voor de kinderworkshop werd daar een aantal vallen uitgezet: twee ingegraven emmertjes en de keukenpapierproef. Onder de enthousiaste leiding van vier IVN vrijwilligers  van de jeugdwerkgroep Leeuwarden betraden de kinderen deze tuin. Eerst kregen ze, aan de hand van een paar tekeningen, uitleg over de levende bodem (hoeveel van welke diertjes zitten er in één vierkante meter), en mochten ze raden wie de ‘Tiny Ten’ waren.

Daarna op zoek naar de vallen in de tuin. Wat zou er in zitten? Onder de keukenpapierproef zaten met name slakken, een paar pissebedden en een kleine stinkende kortschildkever. In de ingegraven emmertjes: nog meer slakken en een paar spinnen.

Geen ontsnappen aan

Vervolgens gingen de kinderen zelf ‘op jacht’. Stenen werden omgekeerd, bladeren opzij geschoven, met schepjes werd er in de bovenste laag gestoken, takjes en bloempotjes werden opgetild … Al gauw ontpopten zich experts: de een verzamelde met name pissebedden, een ander kevertjes, een derde slakken met huisje en weer iemand anders zonder. Ook werd geprobeerd spinnen te pakken te krijgen maar die liepen wel heeeeeeel snel. Gelukkig had de leiding ieder een eigen, kleur gecodeerd (Corona-proof), zuigpotje. Zo was er voor de spinnen geen ontsnappen meer.

Na ca. 45 minuten werden alle gevangen diertjes meegenomen om binnen onder de USB microscoop verder te bekijken. Natuurlijk werd de totaal score van de zoektocht genoteerd op het telformulier

Durfallen

In  de werkplaats  van DBIEB  stonden bakken met bijna alle tien de Tiny Ten bodemdiertjes in levende lijve. De mol was er in opgezette vorm en mocht, nadat iedereen zijn handen had gewassen, ook even geaaid worden. Wat is die zacht! Er werd uitgelegd dat de mol een speciale, rechte haarinplant heeft waardoor hij in beide richtingen zacht aanvoelt. Ook dat hij wel 100 wormen per dag eet en een voorraadje aanlegt als hij er meer vangt.

De durfallen namen wormen op de hand en merkten dat ze helemaal niet zo glad zijn (maar bedekt met borsteltjes) en stuiteren als je ze terug trekt. Ook slakken werden nader bekeken. Hé, ze schrapen een blaadje op. Wie had gedacht dat deze zachte beestjes tanden op hun tong hebben.

Veel te vroeg was de tijd van de workshop voorbij.  Gewapend met de IVN zoekkaart bodemdiertjes  en een zakje oesterzwammenbroed  om thuis te kweken werden de jonge onderzoekers teruggebracht naar hun ouders. We zijn benieuwd of ze thuis nog op jacht zijn gegaan in hun eigen tuin.